19 mei 2026
Willy Hanssen nieuwe directeur VAB: “Een sterke agrarische sector vraagt om sterke adviseurs”
De VAB groeit. In ledenaantal en activiteiten, in betrokkenheid en bij overkoepelende agrarische vraagstukken én in zichtbaarheid binnen de agrarische sector. Waar de vereniging een aantal jaren geleden vooral bekend stond om trainingen en kennisdeling, schuift de VAB vandaag steeds vaker aan bij gesprekken over beleid, innovatie en de toekomst van het boerenerf.
Om die groei verder vorm te geven, stelde de VAB voor het eerst een directeur aan. Die rol wordt ingevuld door Willy Hanssen. Met zijn achtergrond in de veevoerwereld, openbaar bestuur en gebiedsontwikkeling brengt hij een breed netwerk én een sterk gevoel voor verbinding mee. Daarbij heeft Willy een grote passie voor landbouw, natuur en het boerenerf: “Het gaat uiteindelijk altijd om het wel en wee van de boer. Daar moet alles wat wij doen op aansluiten”.

Volgens voorzitter Frank Pisters was het moment daar om de organisatie verder te professionaliseren. “De VAB is in een paar jaar tijd gegroeid van ongeveer 350 naar 700 leden. Ook het aantal trainingen, workshops en projecten is stevig toegenomen. Tegelijkertijd zien we dat adviseurs een steeds belangrijkere rol krijgen in de uitdagingen waar de landbouw voor staat.”
Die ontwikkelingen vragen meer van de vereniging. Niet alleen organisatorisch, maar ook inhoudelijk. “We willen als VAB de verbindende schakel zijn tussen ondernemer, onderwijs, onderzoek en overheid”, vertelt Frank. “Daar hoort ook zichtbaarheid bij, richting Den Haag, provincies, kennisinstellingen en andere stakeholders.” De komst van een directeur moet daarin ruimte creëren. Het bestuur kan zich meer richten op koers en toezicht, terwijl Willy zich samen met het verenigingsbureau nadrukkelijk gaat richten op belangenbehartiging, samenwerking en positionering van de agrarisch adviseur.
Voor Willy draait de rol van adviseurs om veel meer dan alleen vakinhoudelijke kennis. “Agrarisch ondernemen is ongelofelijk complex geworden”, constateert hij. “Het platteland is in transitie. De vraag vanuit de maatschappij verandert. Boeren moeten keuzes maken over stikstof, water, natuur, regelgeving, bedrijfsopvolging en investeringen. Dan heb je goede ondernemers nodig, maar ook goede adviseurs.” Volgens Willy kan een ondernemer het niet meer alleen. “Een boer heeft tegenwoordig een netwerk van specialisten nodig. Van bedrijfsadviseur en coach tot specialisten op het gebied van bijvoorbeeld voer, natuurbeheer of regelgeving. De kracht zit juist in het samenwerken.” Daarin ziet hij een belangrijke rol voor de VAB. “Wij brengen mensen samen. Adviseurs die elkaar weten te vinden en samen optrekken in het belang van de ondernemer.”
De rol van de agrarisch adviseur verandert. Waar het eerder vaak draaide om technische of financiële vraagstukken, komen er steeds vaker menselijke en strategische thema’s aan bod. Frank benadrukt een essentiële vaardigheid van adviseurs: “Luisteren, luisteren, luisteren. Weten wanneer je advies moet geven, én weten wanneer er andere expertise nodig is. Misschien moet je een specialist inschakelen, of kan een coach de juiste begeleiding bieden. Een goede adviseur moet ondernemers ook kunnen prikkelen, moeilijke gesprekken durven voeren en ondernemers helpen nadenken over de toekomst van het bedrijf”.
Ook mentale druk speelt daarin een grotere rol. Willy merkt dat daar gelukkig steeds meer aandacht voor komt. “Boeren staan vaak onder enorme spanning. Vroeger werd daar nauwelijks over gesproken. Nu zie je dat ondernemers meer openstaan voor coaching en begeleiding. Dat is winst.” Frank vult hem aan vanuit zijn eigen praktijkervaring. “Als bedrijfseconomisch adviseur kwam ik regelmatig over de vloer bij een groenteteler. Dan ging het zelden over cijfers of strategie, maar vooral over allerlei zaken die hem bezighielden. Even sparren, zijn verhaal kwijt kunnen. Agrarisch ondernemers werken vaak alleen of met een klein team. Dan ben je als adviseur soms ook gewoon een luisterend oor.”

Binnen de VAB staan kwaliteit, integriteit, onafhankelijkheid en vakmanschap centraal. Niet voor niets investeert de vereniging sterk in permanente educatie, kennisdeling en het BAS-register. Frank geeft aan: “Een adviseur moet weten wat hij weet, maar vooral ook wat hij níet weet. Juist dan moet je collega’s kunnen inschakelen. Dat is de kracht van een netwerkvereniging”. Vertrouwen speelt daarin een sleutelrol. “Adviseurs werken met vertrouwelijke informatie en gevoelige keuzes”, vult Willy aan. “Dan moet een ondernemer erop kunnen vertrouwen dat iemand integer handelt, en het belang van die ondernemer voorop stelt.”
De komende jaren wil de VAB nadrukkelijker zichtbaar zijn richting overheid, kennisinstellingen en beleidsmakers. Zeker op belangrijke thema’s zoals het GLB, gebiedsgerichte aanpakken en innovatie. “Te vaak worden plannen bedacht zonder voldoende aansluiting op de praktijk”, zegt Willy. “Juist onze adviseurs weten heel goed wat er speelt op het erf. Die kennis moet eerder aan tafel komen. Bij de agrarische ondernemers, maar zeker ook bij overheid en beleidsmakers. Juist de praktische toepassing en haalbaarheid ontbreekt vaak.”
Ook bij grote transities ziet hij kansen voor de vereniging. “Of het nu gaat om waterkwaliteit, stikstof, natuurbeheer of innovatieprojecten: de kans van slagen wordt groter als adviseurs én boeren vanaf het begin betrokken zijn.” Op dit moment is de VAB dan ook actief betrokken bij de ontwikkeling van het nieuwe GLB, vertelt Frank. “Een heel belangrijk onderwerp voor zowel ondernemers als adviseurs. We zijn betrokken bij de regieorganisatie, en delen vanuit de adviespraktijk onze kennis over landbouw, water en natuur. Het nieuwe GLB moet minder complex worden, maar hoe dit er in de praktijk uit moet komen te zien is nog geen uitgemaakte zaak.”
Een ander belangrijk aandachtspunt voor Willy is het vertrouwen van jonge boeren. “Daar ligt misschien wel de grootste uitdaging voor de landbouw. Steeds minder bedrijven hebben een opvolger. Veel jonge ondernemers twijfelen of ze nog toekomst zien in de sector.” Daar ligt volgens hem ook een gezamenlijke verantwoordelijkheid. “Samen met overheid, onderwijs en sectorpartijen moeten we weer perspectief bieden. Want als we onze boeren verliezen, krijgen we die sector niet zomaar terug.”
Dat geldt niet alleen voor Nederland trouwens, maar ook voor Europa, aldus Frank “Overal in Europa maken boeren zich zorgen over opvolgers, over waar het beleid heen gaat, over grondstoffen, land en water. Het perspectief is te vaak onzeker.” De Nederlandse landbouw heeft in Brussel wel een voorbeeldfunctie, als het gaat om hoe ons systeem in elkaar steekt en hoe adviseurs daar een rol in spelen. VAB is hier een spil in de Nederlanse AKIS (Agrarisch Kennis en Innovatie Systeem), een thema dat Europees steeds meer op de radar komt als instrument om de kwaliteit en toekomst van de landbouw te ondersteunen.
Over de ambitie van de VAB zijn Frank en Willy duidelijk: de VAB moet verder ontwikkelen als hét netwerk voor agrarische adviseurs. “Wij willen de nummer één adviesclub zijn binnen de agrarische sector. Een vereniging die stevig geworteld is in de praktijk én actief meedenkt over de toekomst van landbouw en platteland.” Willy vult aan: “We moeten een organisatie zijn die mensen weten te vinden. Voor kennis, voor samenwerking en voor een sterke verbinding met de praktijk. Voor adviseurs die het belang van de ondernemer voorop stellen”. En uiteindelijk draait het volgens beiden steeds om hetzelfde uitgangspunt. ”Bij de transitie van het platteland moet het toekomstperspectief van de boer gewaarborgd zijn.”